[Intro]
“Zet je meldingen uit… ik ben hier.”
[Verse 1]
De nacht is blauw, asfalt van glas,
het regent licht op jouw natte jas.
Je lacht te klein, maar je ogen groot,
ik tel m’n slagen tot het overloopt.
We lopen door langs elke ruit,
onze schaduw danst — de rest gaat uit.
Je zegt niets meer, maar alles: “ga”,
ik hoor je in wat stil blijft na.
[Pre-Chorus]
Laat de stad maar praten,
wij vallen even stil;
Pas als het uitvalt allemaal,
weet ik echt wat ik wil—
[Chorus]
Ik zet ons op DND (shh),
alle ruis gaat uit, jij en ik alleen;
Tussen donker en neon vind ik je weer,
nu we minder zeggen, hoor ik je meer.
[Post-Chorus]
D—N—D (shh), D—N—D (hey),
donker & neon, jij en ik twee.
[Verse 2]
We gingen dwars door rood en groen,
vergaten tijd en vonden toen.
We vielen zacht maar stonden recht,
we werden thuis in wat ons hecht.
Je tikt een code op mijn huid,
een bericht dat nooit verstuurt.
Ik ben het antwoord dat je typt,
nog vóór je vraagt op welk uur.
[Pre-Chorus 2]
Laat de wereld spoelen,
ik hou m’n adem in;
Je zegt: “We zijn niet veilig,”
ik zeg: “daarmee begint—”
[Chorus]
Ik zet ons op DND (shh),
alle ruis gaat uit, jij en ik alleen;
Tussen donker en neon vind ik je weer,
nu we minder zeggen, hoor ik je meer.
Niets is perfect, maar wij zijn echt,
licht door het donker — dat is ons recht.
[Bridge]
Licht bestaat omdat het donker is,
rust bestaat omdat de beat soms mist.
Blijf je wanneer het breekt en bijt?
Dan wordt wat stuk was hechter dan ooit.
[Chorus — Final]
Ik zet ons op DND (shh),
alle ruis gaat uit, jij en ik alleen;
Tussen donker en neon vind ik je weer,
nu we minder zeggen, hoor ik je meer.
Laat de sirenes zingen — laat alles mee:
wij zijn het stiltecentrum in de zee.
[Post-Chorus / Outro]
D—N—D (shh), D—N—D (hey),
donker & neon — wij lopen mee.
D—N—D (shh), D—N—D (hey),
wij zijn de vonk in het grijs-blauw.